Pestprotocol

Een definitie van pesten op school is:
 
Pesten is het systematisch uitoefenen van psychische en/of fysieke mishandeling door een leerling of een groep leerlingen van één of meer klasgenoten, die niet(meer) in staat zijn zichzelf te verdedigen.
 
Onze school accepteert geen pestgedrag en stelt zich ten doel pesten te voorkomen!
 
Preventief pestbeleid

Een goede groepssfeer zorgt ervoor dat er niet gepest wordt.
Wij werken hier voortdurend aan door gebruik te maken van de volgende hulpmiddelen:

  • Trefwoord, dagelijks het eerste kwartier van de ochtend thematisch opgezet programma voor identiteit
  • Leefstijl, methode voor sociaal-emotionele vorming
  • Rots en Water, cursus in alle groepen, waarin de kinderen weerbaarheid wordt geleerd en het ‘zien’ van wat de ander beweegt.
  • Samen vaststellen van klassenregels
  • Incidenten (die op pestgedrag duiden) worden meteen met elkaar o.l.v. de leerkracht uitgesproken, waarbij de pester duidelijk gemaakt wordt dat dit gedrag niet wordt geaccepteerd. Incidenten die door de leerkracht worden aangemerkt als incidenten die op pestgedrag duiden worden geregistreerd (zie hieronder verder.)
  • Sociogram van de groep, 2x per jaar.
  • 2 x wordt de sociale competentie observatielijst door leraren ingevuld. De leerlingen in groep 5 t/m 8 vullen dit ook zelf in.

Om het pesten tegen te gaan, hebben wij een coördinator anti-pestbeleid. Dit is bij ons, onze gedragsspecialist Maaike van Helvoort. Zij is voor leerlingen die worden gepest, voor hen die willen praten over een situatie waarin ze gepest worden en voor ouders die vragen hebben over pesten. 


Haar taken zijn:
- Monitoren sociale veiligheid van de school.
- Coördineren afnemen sociale vragenlijsten gr. 3 t/m 8.
- Coördineren en analyseren sociogrammen met de leerkrachten.
 
Wat ouders van ons mogen verwachten als er gepest wordt:
 

  1. De leerkracht neemt meldingen van kinderen en ouders altijd serieus. Meldingen kunnen gedaan worden bij de eigen leerkracht, elke andere leerkracht, de directeur en de vertrouwenspersonen mevrouw Carina Oosten groep 1/2C.
  2. De leerkracht houdt een incidentregistratie bij. Ouders met vragen kunnen altijd bij de leerkracht terecht.
  3. De leerkracht praat met de betrokken kinderen en maakt afspraken met hen. Deze worden schriftelijk vastgelegd.
  4. De leerkracht meldt pesten of incidenten die de leerkracht kwalificeert als pestgedrag bij de ouder van de pester. De leerkracht deelt zijn/haar zorgen over het gedrag en er  worden afspraken gemaakt over de aanpak op school en thuis. Er wordt op korte termijn (3 weken) een vervolgafspraak met de ouders ingepland om te bespreken of de aanpak effect heeft.
  5. Met de ouders van het gepeste kind worden dezelfde afspraken gemaakt.
  6. De leerkracht houdt gedurende deze periode de ‘vinger aan de pols’, spreekt regelmatig met pester en gepeste.
  7. Wanneer het pesten desondanks voortduurt, wordt dit gemeld bij de directeur. Deze zal in gesprek gaan met kinderen en ouders. Afspraken worden vastgelegd.
  8. Consequenties van voort-durend pestgedrag kunnen zijn: uitsluiting van speelkwartier, overblijven; ochtend/dag/meerdere dagen uitgesloten worden van de groep (het kind  werkt elders in de school); schorsing.

Er wordt gesproken met de pester over het gewenste gedrag.

 
Wat de school van de ouders verwacht:

  1. Als ouders pestgedrag opmerken, praat er niet alleen over op de speelplaats, maar meld dit bij de leerkracht.
  2. Ouders nemen de melding van de leerkracht serieus, hoe pijnlijk dit ook is.
  3. Ouders praten met hun kind over het ongewenste gedrag en proberen duidelijk te maken wat het gedrag betekent voor het gevoel van het gepeste kind.
  4. Ouders zijn bereid om samen met de school tot afspraken te komen en regelmatig contact te houden om opnieuw een veilige sfeer voor alle betrokken te creëren.
  5. Uit ervaring weten we dat het aanspreken van andere ouders over het gedrag van hun kind, niet altijd het beoogde effect heeft. Daarom is ons advies om dat niet te doen, maar uw zorgen met de leerkracht of de schoolleiding te bespreken.
     

Cyberpesten

Ook op de basisschool doet dit probleem zich al voor, met name in groep 7 en 8. En hoewel dit vaak buiten de school gebeurt, heeft het wel consequenties voor de groepssfeer. Het ruziën en pesten gaat op school door. Er ontstaat een onveilig klimaat. Kinderen kunnen minder goed leren.
 
Onze aanpak:

  1. In groep 7 en 8 worden leerlingen bewust gemaakt van de gevaren van internet, de effecten van cyberpesten, 
  2. Kinderen de vaardigheden leren om te gaan met cyberpesten.
  3. Er zijn afspraken over het gebruik van mobieltjes in de school en de consequenties van het zich niet houden aan die afspraken (inleveren mobieltje).
  4. Afspraken met de klas maken over het melden van pesten via groepsapp.
  5. Ouders op de hoogte stellen van deze klachten en ouders adviseren mee te kijken met hun kind.
  6. Kinderen laten kennis maken met sites, waar zij hulp kunnen vinden als zij toch gepest worden:
    www.iksurfveilig.nl / www.i-respect.nl / www.dekinderconsument.nl / www.pestweb.nl

Plagen is niet hetzelfde als pesten. De verschillen zouden zo aangegeven kunnen worden:
 

Plagen Pesten
Gelijkwaardigheid machtsverschil
Wisselend ‘slachtofferschap’ Hetzelfde slachtoffer
Humoristisch kwetsend
Af en toe Vaak/voortdurend